Een krokodil in laag water lijkt net een oude boomstronk, maar ieder
moment kan hij tot de aanval overgaan.
Het is de krokodil aan te zien dat hij uit de prehistorie stamt. Hondderdmiljoen
jaar geleden ging hij met de dinosaurus op rooftocht. De krokodil
en de kaaiman behoren tot de reptielen groep Crocodylia, die bestaat
uit 14 soorten krokodillen 7 soorten alligators, waarvan er 5 meestal
kaaimannen worden genoemd.
De krokodil en de kaaiman eten vis en kikkers in 1 hap op. Een grotere
prooi zoals een hert , trekken ze onder water, zetten hun kaken er in en
scheuren de stukken vlees los. Soms eten ze ook mensen op.
Zich laten zinken.
Krokodillen hebben aan de achterpoten vier gewebde tenen; de vijf
tenen aan de voorpoten zijn deels gewebd bij gevaar kunnen ze zich snel
recht naar beneden laten zinken.
Hierbij duwen ze de achterpoten met wijdgespreide vliestenen omlaag
Beweging op het water.
Sommige krokodilachtige, zoals de gaviaal gaan zelden uit de buurt
van het water.
Andere, zoals de moeraskrokodil dwalen kilo meters rond als hun rivier
droog staat.
Op het land schuiven krokodilachtige op hun buik, waar bij ze zich
met hun voeten afzetten.
Op lagere afstanden strekken ze
hun poten. Hun lichaam is verder van de grond en ze slepen hun staart
achter zich aan.
Kleine soorten en jonge krokodillen galopperen met snelheden tot 17
kilometer per uur.
De jongen
Na ongeveer 3 maanden komen de jongen uit het ei.
De moeder bewaakt hen goed omdat ze een prooi vormen
voor de grote hagedis en de vos.
Open bek
De krokodil koestert zich vaak in de zon met de bek open.
De bloedvaten in de bek nemen de zonnewarmte op. Waardoor de lichaamstempratuur
oploopt en de krokodil energie krijgt om ’s avonds op jacht te gaan.
De Nijlkrokodil
Voedsel en jacht
De krokodil loert op onoplettende dieren, die aan het water komen drinken.
Zijn prooi bestaat vooral uit gnoes, gazellen, buffels, wilde honden en
een enkele keer mensen.
De nijlkrokodil pakt zijn prooi op het land en trekt hem met behulp
van zijn krachtige kaken onder het wateroppervlak en verdrinkt hem.
De krokodil kan ondanks zijn enorme hoeveelheid tanden niet kauwen.
De prooi wordt daarom niet direct gegeten maar eerst onder water vastgelegd
onder een vooruit stekende oevergedeelte of onder een boomstam, om hem
een paar dagen te laten rotten.
Krokodillen eten hun prooi met botten, hoeven en gewei en al op. Sterke
maagsappen en van te voren ingeslikte stenen maken het verkleinen en verteren
van het voedsel nodig.
DE VOORTPLANTING
In het voorjaar graaft het krokodillenwijfje een nest
aan de oever van de rivier en legt daar eieren in.het
nest ligt zo dicht aan het water, dat het wijfje het
vanuit het water kan bewaken, maar zover vandaan,
dat het bij hoog water niet wegspoelt .de paring
vind in ondiep water plaats waarbij de dieren
meestal wild en opgewonden om zich heen slaan
LEEFOMGEVING
De nijlkrokodil leeft in zijn verspreidingsgebied
Aan de oever van een rivier, een meer of een
Waterplaats.Tijdens de regentijd,als de rivieren
Buiten hun oevers treden, gaan krokodillen soms
Een heel eind buiten hun territorium en keren er
Pas terug als de waterspiegel gezakt is
Verspreiding
De nijlkrokodil is bijna overal in Afrika te vinden, van Egypte in
het noorden tot onder in Zuid-Afrika. Allen in de koelere gebieden van
Noord-Afrika en de droge Sahara komt hij niet voor.
Soort bescherming
In sommige delen van hun verspreidingsgebied is de nijlkrokodil nog
wijdverbreid.
Bijna alle overige soorten worden echter ernstig bedreigd, omdat er
vanwege hun huid en vlees te veel jacht op wordt gemaakt .
Voortplanting
De paring wordt door enige rituelen vooraf gegaan. De 30 tot 70 witte
eieren, voorzien van een harde schaal, worden toegedekt met zand en 90
dagen lang bewaakt. Hoort de moeder de jongen in de eieren geluid maken,
dan komt zij naar het nest en graaft de jongen uit. Indien nodig breekt
ze zelf de eierschalen. Als de jongen uit het ei gekropen zijn, neemt de
moeder ze in de bek en brengt ze een voor een in het water. Weinig jonge
krokodillen worden volwassen. Eieren zijn gewild bij varanen, mangoesten,
hyena’s en ooievaars. De jonge dieren zijn een gemakkelijke prooi voor
andere krokodillen, adelaars, of grote vissen zodra ze in het water zijn
aangekomen.
Wist u dit?
* Het geslacht van een krokodillenbaby wordt door de broedtemperatuur
bepaald. Onder de 30 graden wordt het een
vrouwtje, boven de temperatuur van 33,9 graden is het een mannetje.
* De grootste krokodillensoort kan 7,5 meter lang worden, de kleinste
soort
Kan nauwelijks langer dan ander halve meter worden.
*Een krokodil is pas volgroeid als hij vierduizend keer zo groot is
als zijn ei.
*Krokodillen zijn het naast verwant aan vogels.
*Krokodillen zijn van alligators te onderscheiden door hun tanden:
bij echte krokodillen ligt de vierde tand van de
onderkaak in een gleuf van de bovenkaak, zodat hij bij gesloten bek zichtbaar
blijft. Bij alligators gaat deze tand in de bovenkaak zodat hij onzichtbaar
is.
* In Afrika sterven door de nijlkrokodil meer mensen dan door een ander dier